Mijn eerste ervaringen met de begraafplaats

Mijn diepste herinneringen aan dood en begraven zijn heel ontspannen. Tussen mijn 5e en 9e jaar woonden we in Sappemeer. Naast ons huis aan de Noorderstraat was de oprijlaan van de NH kerk.en achter in de tuin het slootje over kwam je op de begraafplaats. En daar speelde ik altijd met Gina, de kleindochter van de koster . Tussen de graven en bij de grafkisten waarvan de inhoud altijd zeer verrassend was. Ik bedoel dus niet de kisten met de overledenen maar de graftrommels, kistjes met een glazen deksel en gevuld met dierbare herinneringen op sommige graven. Boeken, sieraden, krantenartikelen, poppen, grafbloemen, kaarsjes en nog veel meer. In het kerkgebouwen stond soms een soort zwarte troon. Toen geen idee wat dat was, speelden we daarnaast gewoon schooltje. Verstoppertje, krijgertje en rolschaatsen we om de “troon” heen. Maar dan kwam opeens de boze koster (opa) met zijn hoge zwarte hoed en die stuurde ons weg. Dan luiden de kerkkokken en moesten wij wegwezen. Achter de sloot wachtten we tot al die zwart geklede en verdrietige mensen weer weg waren. We stroopten dan het kerkhof af naar verloren bloemetjes enzo. En ik begreep nooit waarom mijn moeder dan boos was als we onze buit mee naar huis brachten. De eerste keer dat ik echt met de dood in mijn eigen familie te maken had was ik net 9. Daarover later meer.  Op onderstaande foto een recente graftrommel.

 

Tags: ,

Comments are closed.